HNP (Hernia Nucleus Pulposus)

Een hernia is een uitpuilende schijf in de wervelkolom. De drie voornaamste oorzaken zijn:

  1. een aangeboren zwakte in de wervelkolom
  2. een plotselinge, verkeerde draaibeweging van de rug
  3. zwaar werk met veel tillen en bukken.

Zwakke rugspieren kunnen het risico vergroten en ook roken is een risicofactor: de kwaliteit van de tussenwervelschijven wordt daardoor minder. Een hernia betekent dat de schijf tussen twee wervels uitpuilt en op een zenuw drukt, waardoor de pijn wordt veroorzaakt. De pijn kan soms uitstralen naar billen, benen en/of voeten.

Behandeling:

Soms is het, in geval van een hernia, voldoende om 1 week rust te nemen, in overleg met de huisarts. Ook het vermijden van tillen en bukken en het versterken van de rug- en buikspieren door speciale oefeningen te doen kan helpen. Dit is de zgn. conservatieve behandeling. Wanneer echter geen verbetering is opgetreden en de pijn ondraaglijk is en¬/of er uitval van spierkracht is opgetreden dan is opereren de snelste manier om de patiënt van de pijn de verlossen.

De oefentherapeut geeft oefeningen ter versterking van het spierkorset rondom de onderrug en het bekken. Tevens tips en adviezen met betrekking tot de houding en beweging. Dit om de belasting op de tussenwervelschijf en de spieren van de onderrug te verlagen en de druk op de zenuw te verminderen ofwel weg te halen.

Vooral het aanleren van en gezonde (werk)houding is een belangrijk onderdeel van de behandeling, dit om opnieuw ontstaan van de klachten in de toekomst te voorkomen.

Wat is de Ziekte van Parkinson ?

De Ziekte van Parkinson is een langzaam progressieve neurodegeneratieve aandoening veroorzaakt door het afsterven van een kleine groep cellen die lichaamsbewegingen controleren. Meestal worden de volgende symptomen gezien: tremor (beven) van armen en benen, spierstijfheid (rigiditeit), langzamer en minder bewegen (brady- en hypokinesie) vooral van het lopen, en verminderde balans. Zowel mannen als vrouwen kunnen de Ziekte van Parkinson krijgen. Hoewel de ziekte op elke leeftijd kan beginnen, ervaren de meeste mensen de eerste symptomen na het vijftigste levensjaar. Sommige mensen hebben een genetische aanleg voor de ziekte. De Ziekte van Parkinson is chronisch en de klachten nemen meestal in de loop van de tijd toe.

Wat zijn de symptomen?

Hoofdsymptomen:

  • Rigiditeit: stijfheid als arm,been of nek bewogen wordt
  • Rust tremor: beven, wat het duidelijkst is in rust, komt bij circa 60% van de patiënten voor.
  • Bradykinesie en hypokinesie: langzamer (beginnen met) bewegen en minder bewegen; dit kan leiden tot verminderde gelaatsuitdrukking (maskergelaat), zachtere en monotone spraak, schuifelend looppatroon met minder meebewegen van de armen, startproblemen (moeite met opstaan uit stoel), kleiner handschrift, moeite met fijne vingerbewegingen.
  • Verlies van houdingsreflexen waardoor slechtere balans en coördinatie.

Bijkomende symptomen:

Depressie, emotionele labiliteit, geheugen en slaap problemen, problemen met plassen en ontlasting, moeite met kauwen en slikken, lage bloeddruk bij opstaan. Niet iedereen met de ziekte van Parkinson vertoont dezelfde symptomen. Bovendien openbaren de symptomen zich vaak langzaam en niet in een vaste volgorde. In het begin zijn de klachten vaak aan een kant van het lichaam meer uitgesproken. De snelheid van progressie van de symptomen varieert behoorlijk tussen verschillende patiënten. Vaak duurt het wel 10 jaar voordat de symptomen zo erg zijn dat ze problemen opleveren voor de dagelijkse activiteiten. Met medicatie kan dit vaak worden uitgesteld.

Hoewel het beven voor andere mensen vaak het ergste van de ziekte lijkt, zijn voor de patiënten de klachten door het langzamer bewegen meestal veel frusterender. Hierdoor hebben patiënten moeite met aankleden, bestek hanteren, omdraaien in bed, in/uitstappen van de auto. Vaak krijgt de patiënt een wat voorovergebogen houding met gebogen ellebogen en loopt met kleine pasjes. Deze houding draagt ook weer bij tot een verminderd evenwicht.

Hoe wordt de diagnose Ziekte van Parkinson gesteld?

Er is geen diagnostische test voor de Ziekte van Parkinson. Vaak wordt gesproken van Parkinsonisme of een Hypokinetisch Rigide Syndroom. Parkinsonisme kan veroorzaakt worden door de Ziekte van Parkinson, maar ook door multipele herseninfarcten, te veel vocht in de hersenkamers (hydrocefalus), bepaalde medicijnen (mn. neuroleptica tegen psychose), vergiftigingen (oa. methanol, koolmonoxide, kwik, cyanide), infecties (oa. Creutzfeldt-Jakob) en andere neurodegeneratieve ziekten (oa. Huntington, multi-systeem-atrofie). Na overlijden kan door middel van hersenobductie de diagnose Ziekte van Parkinson met zekerheid worden gesteld. De neuroloog stelt de waarschijnlijkheids-diagnose Ziekte van Parkinson tijdens het leven op grond van het verhaal van de patiënt en een nauwkeurig lichamelijk onderzoek. Vaak wordt een aantal andere oorzaken van Parkinsonisme uitgesloten m.b.v. een Ct scan van de hersenen. Dit is van belang omdat Parkinsonisme veroorzaakt door multipele herseninfarcten niet reageert op medicijnen (zie hieronder) en de Ziekte van Parkinson wel.

Wat veroorzaakt de Ziekte van Parkinson?

De Ziekte van Parkinson wordt veroorzaakt door een afsterven van zenuwcellen in een diep in de hersenen gelegen gebied, de zogenaamde substantia nigra. In deze substantia nigra wordt normaal de chemische stof dopamine geproduceerd. Dopamine is een neurotransmitter=boodschapperstof die noodzakelijk is voor het goed functioneren van een circuit in de hersenen dat via ruggenmerg en zenuwen leidt tot willekeurige spierbewegingen. Waarom deze dopamine producerende cellen bij de Ziekte van Parkinson afsterven is nog onbekend.

Wat zijn de behandelingen?

Symptomatische therapie is vaak in het begin van de Ziekte van Parkinson succesvol. Helaas wordt de progressie van ziekte niet gestopt en de ziekte niet echt genezen. De beste therapie is een combinatie van lichaamsbeweging (oefeningen), gezonde voeding en medicijnen. De oefentherapeut helpt bij de ontspanning van het lichaam, het op peil houden van de spierkracht, mobiliteit, functionaliteit behouden van de dagelijkse handelingen zoals lopen, opstaan uit bed en stoel etc., het tegengaan van de gebogen houding en het tegengaan van de achteruitgang van de evenwicht en de coördinatie.

Multiple Sclerose

Multiple Sclerose (MS) is een ziekte van het centrale zenuwstelsel (hersenen en ruggenmerg). Bij MS ontstaan op meerdere plaatsten in het centrale zenuwstelsel harde plekken (plaques). Door die harde plekken werkt het centrale zenuwstelsel niet goed meer. Daardoor ontstaan allerlei klachten als verlammingen en storingen in het gevoel.

Medische behandeling: De laatste jaren zijn nieuwe medicijnen ontwikkeld. Zij kunnen MS niet genezen en zijn niet voor iedereen met MS geschikt. Bij sommige mensen kunnen zij wel een positieve invloed hebben.

Klachten:

  • Klachten van de ogen
  • Moeheid
  • Klachten van de spieren
  • Klachten van het gevoel
  • Stuurloosheid
  • Urine niet kunnen ophouden
  • Urine moeilijk uit kunnen plassen
  • Klachten bij de stoelgang
  • Klachten van de luchtwegen
  • Doorliggen
  • Aangezichtspijn
  • Duizeligheid

De oefentherapeut kan hulp bieden door het proces van achteruitgang zoveel mogelijk uit te stellen. De therapie richt zich op het ontspannen van de overbelastte spieren. Het op peil houden van de spierkracht en de functionaliteit van de dagelijkse handelingen zoals lopen, bukken, tillen etc. Door op gedoseerde wijze in te spannen en op tijd te ontspannen voelt het lichaam minder moe en zijn de dagelijkse activiteiten beter vol te houden. Tevens geeft de oefentherapeut ergonomische tips met betrekking tot het dagelijks handelen.

Whiplash

Whiplash betekent letterlijk zweepslag: er is een plotselinge slingerbeweging van het hoofd en de nek ten opzichte van de romp. Hierdoor kan een verrekking of verstuiking van de nek ontstaan. whiplash letsel ontstaat meestal door een aanrijding, met name een kop-staartbotsing: daarbij wordt het hoofd plotseling sterk naar achteren en dan naar voren geslingerd. Ook een ongeluk op het werk, thuis of bij het sporten kan een nekverstuiking tot gevolg hebben. Bij whiplash letsel kunnen beschadigingen optreden in de spieren, de banden en de gewrichten van de nek. Soms kunnen ook het ruggenmerg, de hersenzenuwen of gebieden in de hersenstam beschadigd zijn.

Direct na het ongeval hebben de meeste mensen weinig of geen klachten, maar binnen 24 uur kan het beeld van nekstijfheid, nekpijn en hoofdpijn ontstaan, soms in combinatie met duizeligheid of misselijkheid. Gelukkig verdwijnen de meeste klachten weer binnen enkele weken. Blijven ze langer bestaan, dan verdwijnen ze bij 80 van de 100 mensen binnen 2 jaar.

Een enkele keer blijven de klachten bestaan of worden ze zelfs erger: er kunnen evenwichtstoornissen, concentratieproblemen, vermoeidheid en overgevoeligheid voor licht en geluid ontstaan. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor het dagelijks leven. Gelukkig kunt u zelf veel aan de klachten doen.

De oefentherapeut Cesar leert u oefeningen om klachten ten gevolge van whiplash te verhelpen of verminderen. Daarnaast leert u hoe u houdingen en bewegingen kunt verbeteren die voor u van belang zijn en die samenhangen met uw klachten. De oefentherapeut begeleidt u in het vinden van een evenwicht tussen wat uw lichaam aankan (belastbaarheid) en wat u doet (belasting). Het is van belang dat u leert hoe u zelf geleidelijk uw activiteiten weer kunt opbouwen. De oefentherapeut geeft u daarbij ondersteuning binnen uw eigen grenzen. De behandeling is breed. Er wordt niet alleen veel geoefend, maar u krijgt ook voorlichting.

U leert hoe bij whiplash letsel het herstel doorgaans verloopt en hoe u dit proces zelf kunt stimuleren:

  • u krijgt inzicht in factoren die uw klachten beïnvloeden.
  • u leert hoe u uw klachten door goede dagelijkse houdingen en bewegingen kunt verminderen.
  • u leert door ontspannings- en ademhalingsoefeningen zelf met uw klachten om te gaan.
  • u krijgt oefeningen om uw evenwicht te verbeteren.
  • u krijgt oefeningen om uw reactiesnelheid te verbeteren.